Alles onder controle tijdens RallyX-weekend, tot en met tijdschema: Strak in het ritme

Het verschil tussen hectiek en paniek zit in een solide organisatie die alles onder controle heeft. Dat bleek zeker het geval tijdens het RallyX-weekend, 25 en 26 april op het Eurocircuit Valkenswaard. Mede dankzij de inzet van 135 vrijwilligers liep de tweede editie van dit internationale evenement als een trein en kreeg het publiek vrijwel zonder onderbreking actie voorgeschoteld.

Natuurlijk hielp de opgedane ervaring van de eerste keer RallyX in Valkenswaard afgelopen jaar een flink eind. “De verbeterpunten naar aanleiding van de evaluatie zaten vooral in de facilitaire hoek, bijvoorbeeld de indeling van de paddock en de opzet van de stroomvoorziening,” vertelt wedstrijdleider Ralph Koks, die sportief gezien samen met racedirector Reinis Nitišs uit Letland de touwtjes in handen had namens promotor RallyX en de NRV als co-organisator, onder auspiciën van de KNAF. “Ten aanzien van de competitie konden we voortborduren op de aanpak van 2025. Daarbij verdienen de vrijwilligers een groot compliment, zoals de ploeg die ervoor zorgde dat het onverharde deel van de baan er perfect bij lag. Deze mensen, onder wie een ervaren rijder, wisten precies hoeveel ze moesten sproeien om de stofvorming te beperken en tegelijkertijd de structuur niet te glad te maken. Ook de officials en het rescueteam hebben geweldig werk verricht. In het heetst van de strijd vinden natuurlijk weleens incidenten plaats en deze teams wisten de situaties dermate snel op te lossen dat we het tijdschema het hele weekend door strak konden blijven volgen.”

Oldskool-rallycrossparcours
Iedereen stond op scherp tijdens het RallyX-weekend eind april. Niet alleen de organisatie, de vrijwilligers en de zeventig coureurs, maar ook de 3300 fanatieke toeschouwers langs de zijlijn, die continu moesten opletten om niets van de actie te missen. “De deelnemers, onder wie een heleboel rijders uit Scandinavië, de Baltische staten en Ierland, beschouwen het Eurocircuit Valkenswaard als een oldskool-rallycrossparcours,” vertelt Koks. “Er liggen grindbakken, maar geen grote uitloopzones en op de plekken waar je langs de vangrail of een betonnen muur vliegt, wordt een foutje snel afgestraft met een krom wiel.” Vooral in de Open 4WD-klasse, de hoogste divisie binnen RallyX, vlogen de stukken er soms letterlijk en figuurlijk af en vermaakte het publiek zich kostelijk. “Op twee na reed het hele veld met een FC2 en daar zaten diverse zeer goede coureurs tussen, zoals Niclas Grönholm, de broers Oliver en Kevin Eriksson, Bart Bel en Mervin Klaassen. Daardoor waren de onderlinge verschillen zeer klein en als je dan na de start met vier, vijf man op de eerste bocht af vliegt, moet er iemand gaan remmen…” Kortom, het RallyX-weekend op het Eurocircuit Valkenswaard serveerde rallycross op z’n puurst en alle betrokkenen zaten strak in het ritme.

Jorrit van Dasselaar: “Week vooraf telefoontje”
Voor Jorrit van Dasselaar stond half april de wereld ineens op zijn kop… in de positieve zin des woords. “Een week voor het RallyX-weekend kreeg ik een telefoontje van Andreas Eriksson uit Zweden met de vraag of ik in een Supercar Lite wilde stappen,” vertelt de NK Supernationals Min-kampioen van 2025. “Nou, toen moest ik vol aan de slag om budget te regelen, maar op de zondag kon ik het besluit nemen, al gingen er daarna nog heel telefoontjes en appberichten overheen om alles financieel en qua verzekering te kunnen rondbreien. Met een vierwielaangedreven buizenframeauto had ik nooit eerder geraced, alleen een keer wat rondjes getest bij Eriksson anderhalf jaar geleden. Gelukkig vonden op zaterdagochtend in Valkenswaard twee trainingen plaats. Eerst moest ik ontdekken hoe de auto qua stuur- en remgedrag reageerde, maar langzaam kwam het gevoel en daalde het verschil met de snelste tijd van het veld van vier naar anderhalve seconde, wat eind van het weekend in de wedstrijden minder dan een seconde was. Ik kon redelijk aanhaken bij de middenmoot en beide dagen tot de finale doordringen, waar ik tweemaal op de vierde plaats eindigde, mede door het uitvallen van enkele tegenstanders in gevecht met elkaar. Ik vond het vooral lastig om, toepasselijk gezegd, de korte knie onder de knie te krijgen. Een 4WD moet je goed positioneren en daarom hield ik goed in de gaten hoe de andere jongens dat deden. Richting de finale op zondag lukte mij dat uiteindelijk ook.”

Nathan Ottink: “Met 30 centimeter uitspoor kom je niet ver”
KNAF-talent Nathan Ottink had op iets anders gehoopt dan twee uitvalbeurten, nadat het OMSE-team van Andreas Eriksson uit Zweden hem benaderde om RallyX in Valkenswaard te gaan rijden met een RX Lite. “Het weekend daarvoor maakte ik wat testrondjes op het Glosso Circuit Arendonk en dat verliep prima, ook al is het met zijn buizenframe en vierwielaandrijving een heel andere auto dan de Ford Focus Supercar waarmee ik afgelopen jaar heb geracet. Veel lichter, maar je moet het ook met minder vermogen doen en daarom heel precies rijden: strak over het asfalt gaan en zoveel mogelijk snelheid mee de bochten in nemen. Als je dan later naar de tijden kijkt, gaat zo’n RX Lite slechts drie of vier tienden per ronde langzamer dan een FC2 met honderden pk’s meer.” Uitdaging genoeg, maar in de zaterdagfinale kreeg de Twentse coureur amper de kans om zijn skills te tonen. “Nadat ik de eerste bocht in stuurde, raakte iemand mijn achterwiel en brak er een spoorstang af. Met dertig centimeter uitspoor kom je niet ver meer… Op zondag lag ik als tweede in finale, totdat er een voorwiel afbrak, waarschijnlijk doordat ik te hard over kerbstones heen was gegaan. Teleurstellend allemaal, maar ik vond het een supermooi evenement: erg goed geregeld en met een mooie sfeer.” Of we Ottink dit jaar vaker zullen zien opduiken in RallyX, dat valt nog even af te wachten. “Ik focus me ook op het EK Autocross. Wat de toekomst brengt, hangt mede van sponsoren af. Als ik heel eerlijk ben, zou ik op de langere termijn het liefst kiezen voor de rallycross, die meer kampioenschappen biedt om door te groeien. Ook in de Verenigde Staten.”

Bart Bel: “Niet normaal”
Dat Bart Bel in de zondagtraining de versnellingsbak van zijn Ford Focus naar de galemiezen hielp, deed niets meer af aan zijn euforie over de zaterdag, waarop hij tot zijn eigen verbijstering de Open 4WD AM-finale op zijn naam schreef. “Niet normaal. Tussen de wereldtoppers in de hoogste categorie, met de meest verouderde en daarmee de minste auto van het veld. Weliswaar had ik in de basis iets meer vermogen, namelijk 590 pk tegenover 550 pk bij de FC2’s, maar die jongens mogen tien keer in een heat een push-to-passknop gebruiken, die ze kortstondig 100 pk extra geeft om aan te vallen. Bovendien wegen die buizenframeauto’s 185 kilogram minder en zit de motor achterin, wat veel meer tractie geeft.” Vertwijfeld zoekt Bel naar het antwoord op de vraag hoe hij het flikte om met dit materiaal de zware concurrentie achter zich te houden. “Ik weet niet wat er gebeurde,” lacht hij. “Oké, mijn baankennis gaf me natuurlijk voordeel, maar diverse andere rijders uit mijn klasse hadden toch ook al eerder op het Eurocircuit Valkenswaard gereden. Het scheelt wel dat ik hier echt elk hoekje en elk steentje ken en dat ik dus precies weet waar en hoe ik moet verdedigen. Moet je nagaan dat dit mijn eerste wedstrijd was in de Ford Focus, die ik vorig jaar aan Nathan Ottink ter beschikking stelde. Uit nood geboren eigenlijk, want ik had mijn oude auto verkocht en de nieuwe nog niet klaar, terwijl ik de thuiswedstrijd hoe dan ook niet wilde missen. Wat een weekend. Sowieso al, want kijk eens hoe onze sport in de lift zit.”

Freek Hendrix: “Motor en bak al uitgebouwd”
Op zaterdag was er geen vuiltje aan de lucht voor Freek Hendrix, die in de finale van de Open 2WD FWD-klasse zijn Ford Fiesta op de tweede plek zette. “Die wedstrijd gaf ik weg aan Yves Teelen, door een slechte jokerlap en door te voorzichtig aan te doen toen ik na een kopstart op de eerste plek lag, die ik niet wilde opgeven. Vol goede moed startte ik op zondag weer. De eerste manche sloot ik met P6 af, de tweede verliep een beetje rommelig, ook doordat ik wat te wild reed. Voor de lange doordraaier stond er één dwars, die de ideale lijn blokkeerde, waardoor beter dan een twaalfde plaats er niet in zat. In de derde manche ging het helemaal mis. De achterwielaandrijvers vertrokken sneller en ik probeerde, terwijl ik Yves passeerde, de aansluiting te vinden. Eerst werd ik aan de voorkant aangetikt door een BMW die uitzwenkte, vervolgens kreeg ik een duw tegen de achterkant en vloog ik met hoge snelheid de bandenstapel in. Gelukkig was volgens de medische hulp alles in orde met me, al heb ik wel veel last van mijn pols. De auto stond er minder goed bij, met een afgebroken achterwiel en de motor die er scheef in ligt, op kromme steunen. We hebben hem samen met de versnellingsbak op de paddock alvast uitgebouwd, want in mei moeten we naar Gründau voor de DRX-wedstrijd.” Gas erop bij HTB Autosport!

Meer informatie: www.nrv.club / www.rallyx.se

Tekst: Aart van der Haagen & foto’s: Dominique Bex, Dave Smeets, RallyX

Wil jij ons magazine ook lezen? Meld je dan aan via “bestellen” op onze website: www.start84.nl