“Voor 67.950 euro bestaat er simpelweg geen andere nieuwe, fabrieksgebouwde raceauto die dit tempo kan evenaren,” stelt Niels Molkenboer. Daarmee verklaart hij kort en krachtig de propositie van de Polo Cup, die vanaf 2027 zijn plek aan de bovenkant van het Nederlandse racelandschap voor toerwagens moet gaan opeisen. Dat laatste klinkt erg ambitieus, maar pas op: we mogen deze door Volkswagen Motorsport South Africa gebouwde raceauto beslist niet onderschatten. Dit is het serieuze werk.

Je kunt er niet omheen dat de Volkswagen Polo GTI er vervaarlijk uitziet, met spatbordverbreders die op een DTM- of TCR-bolide niet zouden misstaan en dorpelkappen die een leek zomaar met treeplanken kan verwarren. Pas op, afblijven met de schoenen! “Volkswagen Motorsport South Africa moest wel, anders pasten de wielen niet binnen de koets,” lacht Niels Molkenboer. Bij de eerste aanblik op internet werd hij onmiddellijk gegrepen door de Polo in Cup-uitmonstering en een nadere kennismaking op Hockenheim resulteerde ogenblikkelijk in het formuleren van een plan. Dat ziet er als volgt uit: met ingang van 2027 komt dit van oorsprong Zuid-Afrikaanse initiatief, dat zich dit jaar in de Duitse racewereld nestelt, naar Nederland en zal het onderdak vinden bij V-Max, bekend van de Supercar Challenge en de Mazda MX-5 Cup. “Het wordt een competitie met gelijkwaardig materiaal en daarbij streven we naar een NK-status,” zegt de eigenaar van Molkenboer Autosport (samen met zijn broer Björn). “Het lijkt ons de perfecte klasse voor talenten die vanuit de kartsport of een andere raceserie willen doorgroeien richting bijvoorbeeld GT4, maar ook voor gentleman drivers die pure snelheid tegen een relatief gunstig kostenplaatje zoeken.”

Alle vrijheid
Zuid-Afrika heeft, dat weten kenners zonder meer, een zeer oude en rijke racegeschiedenis en daaraan voegde de lokale Volkswagen Motorsport-afdeling enkele jaren geleden een nieuw hoofdstuk toe, met goedkeuring van de managers in Duitsland. “Ze geven de betrokkenen alle vrijheid om de Polo Cup op te tuigen,” weet Molkenboer. “Niet alleen in Zuid-Afrika, maar ook in Duitsland, waar Torsten Willems met zijn organisatiebureau Maraco vanaf april 2026 met een eigen kampioenschap start. Hij had dezelfde ervaring als ik: toen hij de auto in actie zag, was hij onmiddellijk verkocht. Zijn klanten intussen ook, want er staan dertig bestellingen uit bij Volkswagen Motorsport South Africa, exclusief de twee orders die vanuit ons meelopen. Daar zijn de Polo’s in racetrim ontwikkeld en daar worden ze gebouwd, met vrijwel dezelfde specificaties, behalve de schokdempers. Ze maken de bootreis met stalen stangen in de wielophanging, die meteen ook wat meer bodemvrijheid geven bij het laden en lossen.”

Onder de 1:50
Er ligt een misverstand op de loer en dat wil Molkenboer Autosport bij voorbaat uit de weg ruimen: de Polo Cup mogen we beslist niet aanmerken als de opvolger van de Ford Fiesta Sprint Cup, ook al zitten de straatversies van deze auto’s elkaar in het vaarwater als rechtstreekse concurrenten. “Dit is echt van een ander kaliber. We moeten nog metingen doen op droge circuits, maar reken er gerust op dat de rondetijden in Zandvoort onder die omstandigheden onder de 1:50 minuten zullen duiken. Benny Leuchte, fabriekscoureur van Volkswagen, bleef tijdens de test op Hockenheim slechts 1,3 seconde achter bij de Golf TCR van de eerste generatie, die hij voor de gelegenheid had meegebracht.” Niet verwonderlijk wanneer je de technische specificaties erbij haalt. “In Zuid-Afrika kennen ze drie verschillende Polo-raceklassen, met als hoogste divisie de SupaCup. Die auto’s, met de 2.0 TSI-motor uit de Golf R aan boord, zijn door Maraco naar Duitsland gehaald en met exact hetzelfde materiaal gaan wij in 2027 onze raceserie bij V-Max inrichten.” TCR light, zou je mogen zeggen, niet in de laatste plaats omdat het fabrieksgebouwde machines betreft. Volkswagen Motorsport South Africa behoort namelijk tot de officiële merkorganisatie.

Goed doorontwikkeld
Aan de andere kant van de wereld draait het raceverhaal met de Polo’s nu vier jaar en dat geeft Molkenboer Autosport veel vertrouwen. “Alle techniek is goed doorontwikkeld en de gemaakte keuzes qua toeleveranciers getuigen van een professionele aanpak. Zo komen de bestuurdersdisplay, de ECU en de PDM van MoTeC en sturen flippers van MME langs pneumatische weg de sequentiële zesbak van M-Trac met sperdifferentieel aan, wat ervoor zorgt dat schakelen altijd met dezelfde snelheid en kracht gebeurt, waardoor de transmissie minder te lijden heeft. Een elektronische beveiliging sluit het risico op overtoeren uit.” Pas bij 6800 tpm floept het lampje aan, ten teken dat de 2.0 TSI-motor met hete nokkenassen, gesmede zuigers en drijfstangen naar een volgende fase van krachtsexplosie wil worden gebracht. Indien tot het uiterste getergd, zoals dat hoort in de autosport, levert hij 320 pk en daarmee hoeft hij slechts 1170 kg voort te bewegen, de FIA-gekeurde rolkooi incluis. “Natuurlijk kennen we in Nederland voorbeelden van racewagens die 100 pk meer leveren, maar die moeten ook honderden kilo’s meer gewicht meesjouwen. Je zult versteld staan van de potentie van de Polo die wij in samenwerking met Maraco en Volkswagen Motorsport South Africa volgend seizoen gaan neerzetten.”

Meer marge
Met dat ruime tijdspad behoedt Molkenboer Autosport zichzelf voor de fout die veel grondleggers van nieuwe raceseries in al hun enthousiasme maken: enkele maanden voor de eerste wedstrijd de plannen onthullen en dan maar hopen dat de animo vlug op gang komt. De mannen uit Elburg gunnen zichzelf meer marge en dat is verstandig. “Zo kunnen we aansluiting zoeken bij het juiste platform, alles goed voorbereiden en klanten zoeken, zowel teams als coureurs,” licht Niels Molkenboer toe. Na een teaser tijdens de KNAF Testdag in december, waar een uit Duitsland afkomstige Polo met cupspecificaties demo’s weggaf, volgde zaterdag 14 maart op TT Circuit Assen een uitgebreide kennismaking voor serieus geïnteresseerden. Zes gegadigden uit Nederland en vier uit België meldden zich present om de racewagen aan den lijve te ondervinden en daaruit rolden vrijwel direct twee concrete orders, wat een hoopvol begin lijkt. Voor een leek klinkt een Volkswagen Polo van 67.950 euro exclusief btw (69.950 euro met aanbevelenswaardige airjacks) misschien niet als een koopje, maar in de autosport relateren we de prijs aan prestaties. De claim die Molkenboer aan het begin van dit verhaal deed, met rondetijden als insteek, is geenszins uit de lucht gegrepen. “Een TCR kost minimaal het dubbele en de running costs liggen fors hoger.”

Optioneel endurancepakket
Ten aanzien van dat laatste wijst de initiatiefnemer op de gunstige onderdeelprijzen. “Bij veel auto’s tel je voor een ledkoplamp een bedrag met drie nullen af. Bij de Polo is dat 300 euro, en noem mij één andere fabrikant waar je voor 8500 euro een compleet nieuwe koets inclusief rolkooi kunt bestellen. Om alles betaalbaar te houden gebruikt Volkswagen Motorsport South Africa gewoon plaatstaal, alleen dan wel met een leeggehaalde motorkap en lexaan ruiten. Wij volgen de Duitsers met de montage van een H&R-onderstel, mede met het oog op een mogelijk uitwisselingsprogramma in de verdere toekomst. Zij hebben trouwens een optioneel endurancepakket voor de NLS ontwikkeld en indien daar belangstelling voor bestaat, zullen we dat in Nederland ook gaan leveren. In die configuratie krijgt de auto ABS aan boord, dat er in de versie voor sprintwedstrijden niet in zit, omdat wij net als de bedenkers van deze Polo vinden dat je er heel puur en zonder hulpmiddelen mee moet kunnen racen. Dat vormt immers de beste voorbereiding wanneer je als coureur hogerop wilt komen. In dat kader bieden we trouwens een heel ontwikkelingsprogramma voor talenten aan, inclusief datacoaching, media- en mentale training.” Tijd genoeg nog om de Nederlandse racewereld klaar te stomen voor deze TCR light.
Meer informatie: www.polo-cup.nl
Tekst: Aart van der Haagenn & foto’s: Bas Fernhout, PR


Wil jij ons magazine ook lezen? Meld je dan aan via “bestellen” op onze website: www.start84.nl

























